Deze denkfouten komen uit de cognitieve psychologie en ze zijn fout omdat ze je meestal niet verder helpen om je doel te bereiken. Die leuke baan bijvoorbeeld. Hieronder de meest voorkomende.

Gedachten lezen Je neemt aan dat je weet wat mensen vinden zodat dat je hier bewijs voor hebt. Hij vindt mij niet interessant

Toekomst voorspellen Je doet negatieve voorspellingen voor de toekomst door te denken dat het alleen maar erger wordt. Ik krijg die baan toch niet.

Rampdenken Je bent bezig met wat er allemaal mis kan gaan, en kunt er niet mee omgaan geloof je. Het is een ramp als ik die baan niet krijgt

Etiketten plakken Je kent jezelf en anderen algemene negatieve eigenschappen toe: Ik ben onaantrekkelijk, hij is een naar mens.

Het positieve onderwaarderen De dingen die jij of anderen doen stellen niets voor. Dat is toch normaal, dat was toch ook makkelijk, zo zijn vrouwen nu eenmaal.

Negatief filteren Je richt je bijna alleen op negatieve dingen en positieve dingen vallen je zelden op: Kijk eens hoe vaak ik genegeerd wordt.

Alles of niets denken Je ziet gebeurtenissen of mensen erg zwart-wit. Niemand vindt me aardig, ik moet altijd op tijd komen, ik mag geen fouten maken anders is mijn werk waardeloos

Veralgemeniseren Je ziet een algemeen negatief patroon op basis van een enkele gebeurtenis. Dat heb ik nu altijd.

Moeten Je gaat uit van hoe de dingen zouden moeten gaan, in plaats van je te richten wat er in werkelijkheid gebeurd. Ik moet dit goed doen anders ben ik een mislukkeling

Alles op jezelf betrekken Je legt een onevenredig deel van de schuld voor negatieve gebeurtenissen bij jezelf en ziet niet in dat bepaalde gebeurtenissen ook door anderen worden veroorzaakt. Het is mijn schuld dat dit project mislukt is.

Anderen de schuld geven Anderen zijn de oorzaak van jouw negatieve gevoelens en je weigert verantwoordelijkheid te nemen voor jezelf. Het is haar schuld dat ik me nu zo voel.

Oneerlijke vergelijkingen trekken Je kijkt naar mensen die het beter doen dan jij en je vindt jezelf daardoor minder waard. Zij heeft meer succes…zij is een betere.

Terugblikken Je bijt je vast in het idee dat je in het verleden iets beter had kunnen doen in plaats van te kijken naar wat je nu beter kunt doen. Als ik beter mijn best had gedaan, had ik nu een betere baan. Dat had ik niet moeten zeggen/doen.

Zekerheid eisen Stel dat? Wat nou als? Je blijft hier in hangen en bent nooit tevreden met het antwoord wat je krijgt. Ja, maar stel dat ik zenuwachtig word of dat ik het antwoord niet weet of dat ze nee zeggen.

Emotioneel redeneren Je gebruikt je gevoelens als bewijs voor de werkelijkheid. Ik voel me depressief dus het komt niet goed met die baan.

Negatieve gedachten niet los kunnen laten Je verwerpt ieder bewijs of argument dat negatieve gedachten tegenspreekt. Wanneer je bijvoorbeeld denkt: Niemand vind me leuk, dan doe je ieder bewijs dat er wel mensen zijn die je leuk vinden af als irrelevant. Je kunt daardoor de negatieve gedachten nooit loslaten.

Oordelen Je evalueert jezelf anderen en gebeurtenissen constant in termen van goed/slecht of beter/minder in plaats van ze gewoon te omschrijven, accepteren of begrijpen. Je meet jezelf en andere af aan onduidelijke normen en vindt dat jij en anderen daar niet aan voldoen. Kijk eens wat zij allemaal voor elkaar krijgt, ik presteer niks.

De grondslag van deze denkfouten zijn vaak de 6 basisgedachten/beperkende overtuigingen die mensen over zichzelf hebben.

  1. Ik ben zwak
  2. Ik ben dom
  3. Ik ben slap
  4. Ik ben niet goed genoeg
  5. Ik ben slecht
  6. Ik ben waardeloos

Deze gedachten kun je niet uitzetten maar je kunt ze wel opmerken en dan afvragen….Is het wel zo?

Deze pagina delen: